Keerzijde

Hieronder enkele artikelen welke de drang naar duurzaamheid vanuit een andere positie bekijken.

 

‘Wij willen verduurzamen, maar dan wel democratisch

Het eist meer democratie bij de ontwikkeling van de plannen voor de bestrijding van de CO2-uitstoot. Gemeenten en waterschappen in 30 regio’s moeten het komende jaar een plan opstellen om in hun gebied de energie te verduurzamen. Volgens het DEI krijgen de bestuurders een dwingende opdracht, waarin onvoldoende ruimte is voor de ideeën en opvattingen van de burgers.

Kiem

De kiem voor het DEI is gelegd bij het verzet tegen de windmolens in Groningen en Drenthe. Rond prominente actievoerders tegen de komst van die turbines, zoals als het Veendammer raadslid Lies Zondag en Nico Broekema uit Emmen, heeft zich een initiatiefgroep geformeerd met deelnemers uit heel het land. Onder hen emeritus hoogleraar Pieter Lukkes uit Leeuwarden en artiest Gerard Cox uit Mijnsheerenland. ,,Bestuurders, wetenschappers, mensen van de vakbond, actievoerders – het is een heel divers gezelschap”, zegt Broekema.

Onderop

Hij bezweert dat het DEI niet de verduurzaming van de energie wil stoppen. De Emmenaar: ,,Maar een echt duurzaam energiebeleid moet je van onderop opbouwen. Wat nu dreigt is dat de regio’s een centraal opgelegd en uitgewerkt model voor duurzame energie krijgen. Daarmee krijg je lokaal en regionaal geen draagvlak. Natuurlijk moet er enige centrale aansturing zijn, maar de balans is zoek.” Het DEI heeft zijn zorgen kenbaar gemaakt in een brief aan alle gemeenten en waterschappen.

De 30 regio’s krijgen de opdracht een zogeheten Regionale Energie Strategie (RES) te schrijven. Daarin moeten ze voor eind volgend jaar aangeven hoe ze het aandeel in de reductie van de CO2-uitstoot gaan realiseren, waarvoor ze van het Rijk opdracht hebben gekregen.

Boete

Broekema: ,,Als Nederland zijn doelstellingen niet haalt, dan krijgt het daarvoor een boete van Europa. Die gaan ze doorberekenen naar de regio’s die niet aan hun opdracht hebben voldaan. Die lasten komen bij de lokale bevolking terecht.”

Naast minder dwang en meer democratie wil het DEI dat de verduurzaming de burger minder overlast gaat opleveren,door energie bronnen te kiezen en te onderzoeken die weinig beslag op de ruimte leggen.

Vast

Broekema: ,,Volgens het nieuwe Klimaat-akkoord komen er weer enorme hoeveelheden windmolens op land bij. Dat loopt natuurlijk weer helemaal vast. Kijk eens naar de mogelijkheden van thoriumenergie.” Ook moet er meer werk worden gemaakt van energiebesparing door de isolatie van gebouwen, vindt het initiatief.

Het DEI meent dat Nederland zichzelf onnodig oplegt om zelf zijn klimaatdoelen te halen. Broekema: ,,Je moet de verduurzaming in Europees verband regelen.” Hij wijst onder meer op het NERO-windmolenpark in Roemenië, waarvan de plannenmakers de groene stroom aan Nederland willen leveren. ,,De Europese regels staan het toe”, aldus Broekema. Het kabinet ziet er echter vooralsnog niets in.

Inspireren en steunen

Broekema: ,,Wij willen een verduurzaming die democratisch is gelegitimeerd. We willen gemeenten en waterschappen inspireren en steunen te helpen. En ook met bedrijven willen we samenwerken.”

Als het aan Broekema, wordt het initiatief Europees. ,,We willen daarom eind dit jaar, of begin volgend jaar een internationale conferentie beleggen. De contacten met personen en organisaties in andere leden zijn al gelegd.”

windmolens op land bij. Dat loopt natuurlijk weer helemaal vast. Kijk eens naar de mogelijkheden van thoriumenergie.” Ook moet er meer werk worden gemaakt van energiebesparing door de isolatie van gebouwen, vindt het initiatief.

Onnodig

Het DEI meent dat Nederland zichzelf onnodig oplegt om zelf zijn Klimaatdoelen te halen. Broekema: ,,Je moet de verduurzaming in Europees verband regelen.” Hij wijst onder meer op het NERO-windmolenpark in Roemenië, waarvan de plannenmakers de groene stroom aan Nederland willen leveren. ,,De Europese regels staan het toe”, aldus Broekema. Het kabinet ziet er echter vooralsnog niets in.

Broekema: ,,Wij willen een verduurzaming die democratisch is gelegitimeerd. We willen gemeenten en waterschappen inspireren en steunen te helpen. En ook met bedrijven willen we samenwerken.”

Conferentie

Als het aan Broekema, wordt het initiatief Europees. ,,We willen daarom eind dit jaar, of begin volgend jaar een internationale conferentie beleggen. De contacten met personen en organisaties in andere leden zijn al gelegd.”

Bekijk opwarming positief.

Weg met doemscenario’s

Uit Elsevier Weekblad

Door: prof.dr.ir. Guus Berkhout emeritus hoogleraar geofysica aan de TU Delft en prof.dr.ir. Dick Thoenes, emeritus hoogleraar chemische technologie aan de TU Eindhoven

Ook rechters en politici zijn gebonden aan de universele wetten van de natuurkunde. Dus weg met dat gammele Klimaatakkoord en ruim baan voor de vele kansen die klimaatverandering de wereld ook biedt, stellen Guus Berkhout en Dick Thoenes.

In het kort

• Klimaatbeweging stelt dat de door de mens gemaakte CO2 zorgt voor opwarming van de aarde

 • Maar klimaatverandering is van alle tijden en de mens heeft daar maar bitter weinig invloed op

 • Ondertussen probeert de overheid op basis van misleidende informatie de burger tot verkeerde en verspillende maatregelen te dwingen

Er is wereldwijde consensus over de morele plicht van de mensheid om een goede rentmeester te zijn van onze unieke planeet.

Maar met steeds meer mensen maken we van de aarde een uitdijende vuilnisbelt, zijn we bezig om de natuurlijke hulpbronnen versneld uit te putten en zorgen we ervoor dat de biodiversiteit hard afneemt.

Daar zou alle aandacht van overheden naartoe moeten gaan.

Maar de werkelijkheid is anders.

Vooral Nederland zit gevangen in het web van een ondeugdelijk Klimaatakkoord waarin CO2-reductie de heilige graal is.

Daardoor zijn we bezig met de verkeerde discussie en de verkeerde maatregelen.

We denken het klimaat op aarde naar onze hand te kunnen zetten, maar intussen zijn we niet eens in staat de Oostvaardersplassen duurzaam in te richten.

Er is een nieuwe klimaatvisie nodig die is gebaseerd op een bredere kennis van zaken.

En vooral ook een visie die niet is gericht op het afwenden van doemscenario’s, maar op het benutten van kansen.

Niet de mens, maar de natuur regelt het aardse klimaat

Het is de klimaatbeweging gelukt om politici ervan te overtuigen dat klimaatverandering wordt veroorzaakt door door de mens gemaakte koolstofdioxide, CO2.

Als we die CO2 maar uit de lucht weten te houden, zo is de redenering, dan kunnen we de mondiale opwarming een halt toeroepen.

Maar metingen in de afgelopen decennia en feiten uit het geologisch archief geven een totaal ander beeld.

Er zijn steeds meer harde aanwijzingen dat niet de mens, maar de natuur het aardse klimaat regelt, al miljoenen jaren. Met de zon in de hoofdrol.

De wereld kent veel sterk verschillende klimaatregio’s.

Die hebben allemaal een CO2-concentratie van ongeveer 0,04 procent, maar het klimaat aldaar toont grote onderlinge verschillen.

Er moeten dus andere factoren in het spel zijn dan de hoeveelheid CO2 die ervoor zorgen dat die verschillen optreden.

De geschiedenis van onze planeet bevestigt dat op vele manieren.

Zo’n 20.000 jaar geleden was heel Noord-Europa met ijs bedekt en kon je van Nederland naar Engeland lopen.

Zeker geen unicum, want ijstijden hebben zich geregeld voorgedaan.

Nu zijn we beland in een extreem warme periode.

Bijna al het ijs is gesmolten en de Noordzee is weer volgelopen.

Maar dat is tijdelijk. Daarna komt de volgende ijstijd. Precies volgens het patroon van de grote cycli in het zonnestelsel.

Verdeling CO2 in de oceanen en in de lucht

Een ander voorbeeld. Geheel in lijn met natuurkundige basiswetten geldt dat op een waterplaneet bijna alle CO2 die in de lucht wordt gebracht, in de biokringlopen van de uitgestrekte oceanen verdwijnt.

Op aarde (waar meer dan 70 procent van het oppervlak uit water bestaat) leidt dat natuurkundige evenwicht tot een verdeling van ongeveer 98 procent CO2 in de oceanen en 2 procent CO2 in de lucht. Hoe komt dat?

CO2 is een gas dat goed oplost in water.

Denk aan het aanbrengen van koolzuurgas (CO2) in bronwater onder verhoogde druk.

Als we die druk verlagen, verdwijnt de opgeloste CO2 weer in de lucht (te zien als bubbels). Precies zo gebeurt dat bij temperatuurverhoging.

Bij oceanen zien we hetzelfde – die ademen ook CO2 in en uit.

Alleen gaat het daar veel langzamer doordat drukverschillen in de atmosfeer marginaal zijn.

Temperatuurverschillen zijn hier veel belangrijker.

Veronderstel nu dat het de mensheid zou lukken om het komende jaar wereldwijd 1 gigaton CO2 uit de atmosfeer te houden (1 gigaton is 1 miljard ton), dan zullen de oceanen het natuurkundige evenwicht herstellen en 98 procent van die reductie weer in de atmosfeer brengen (0,98 gigaton).

De natuur zorgt er dankzij die wetmatige verhouding voor dat we er uiteindelijk nauwelijks iets mee opschieten.

In plaats van 1 gigaton slechts 20 megaton (1 megaton is 1 miljoen ton).

Maar de kosten van die luttele 20 megaton zijn wel enorm, zo’n 2,5 miljard euro per megaton.

De natuurkrachten doen teniet wat de mens probeert te veranderen.

De boodschap aan Den Haag is dat ook politiek leiders gebonden zijn aan de wetten van de natuurkunde.

Kampioen CO2-reductie willen zijn, is peperduur en oliedom.

Modelvoorspellingen wijken af van metingen

De politiek houdt in het klimaatbeleid misstanden onder de pet. Klimaatmodellen laten temperatuurstijgingen zien die niet overeenkomen met de werkelijkheid.

Ze voorspellen desastreuze mondiale opwarming, maar die modelvoorspellingen vertonen grote afwijkingen met de metingen.

Het werkelijke opwarmings­tempo is van een geheel andere orde.

In de klimaatwereld ontbreekt het inzicht dat we de toekomst alleen zinvol kunnen voorspellen als we het heden begrijpen; en dat we het heden alleen maar kunnen begrijpen als we het verleden goed kennen.

Dus waarop is dat peperdure CO2-beleid nu eigenlijk gebaseerd?

En waarom waarschuwen de nationale wetenschappelijke academies, zoals onze eigen Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), hun overheden niet dat klimaatmodellen nog in de kinderschoenen staan?

Misleidend beeld door focus op elektrisch en huishoudens

In Nederland wordt onderhandeld over het klimaat aan 5 hoofd- en 16 sub-tafels en in 27 werkgroepen.

Het nationale doel is om in 2030 de helft minder CO2 in de atmosfeer te brengen.

Dat moet gebeuren met behulp van een ambitieuze energietransitie, waarbij ongeveer de helft van de fossiele brandstoffen moet worden vervangen door niet-fossiele energiebronnen.

De voorlichtingscijfers over duurzame energie richten zich bijna uitsluitend op de elektrische energiebehoefte van huishoudens.

Maar die dubbele verenging (alleen elektrische energie, alleen huishoudelijke consumptie) representeert slechts een fractie van de totale energiebehoefte. Daardoor wordt er een misleidend beeld gecreëerd.

Wist u bijvoorbeeld dat minder dan 14 procent van het totale energieverbruik in Nederland uit elektriciteit bestaat?

En dat slechts 1 procent wordt opgewekt door windturbines en slechts 0,3 procent door zonnepanelen?

Overheid gebruikt rekenmodellen met sjoemelknoppen

Maar de misleiding gaat verder. De overheid maakt gebruik van windturbineprestaties gebaseerd op rekenmodellen die zijn voorzien van de nodige sjoemelknoppen.

De werkelijkheid laat duidelijk zien dat die modelberekeningen niet kloppen. Metingen geven keer op keer aan dat windturbines in de praktijk slechts een kwart van hun vollast-vermogen leveren.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft daar onlangs nog eens duidelijk op gewezen. Waarom weigert de overheid desalniettemin eerlijke informatie te geven?

En het is nog erger.

De overheid rommelt ook nog eens met (investerings)kosten, terugverdientijd en leveringszekerheid.

Afgelopen week bleek uit een discussie tussen minister Eric Wiebes (VVD) en de Tweede Kamer dat er wel degelijk miljarden overheidssubsidie naar de nieuwe windparken gaan, terwijl eerder werd gezegd dat die parken zonder overheidssteun konden draaien.

De overheid houdt een aantal kostbare zaken als aansluitingskosten (met het stroomnet op land) en prijsgaranties aan investeerders (bij overaanbod van de parken) onder de pet.

Een recente publicatie van de Rekenkamer hierover laat weinig heel van de ministeriële cijfers over windenergie.

De energietransitie is onontkoombaar, maar door stelselmatig de bevolking onjuiste cijfers voor te schotelen, neemt het wantrouwen in die transitie snel toe.

Burger moet verteld worden hoe het echt zit

Het wordt tijd dat de burger te weten komt hoe het echt zit.

Als we die malle CO2-doelstelling van 2030 (de helft minder CO2 uitstoten) met zon en/of wind inderdaad willen bereiken, dan moeten we in 2030 meer dan 20.000 super-windturbines operationeel krijgen (dat zijn turbines die in Nederland elke dag continu een vermogen van 2 megawatt leveren).

En in termen van zonne-energie zou het betekenen dat we in 2030 meer dan 90 miljoen super-zonnepanelen aan het net moeten verbinden (dat zijn panelen die in Nederland elke dag continu een vermogen van 1 kilowatt leveren).

Waarom wordt dat niet verteld?

Nieuw onderzoek van professor David Keith van Harvard University laat zien dat de interactie van windturbines in parken veel groter is dan tot nu toe gedacht.

Ze zitten elkaar gewoon in de weg! Dat verklaart de sterk tegenvallende rendementen in de praktijk.

Het tragische van wind- en zonne-energie is ook dat met meer parken de instabiliteit van de energie-infrastructuur sterk toeneemt.

Immers, bij weinig of geen aanbod van wind en zon produceert geen van die parken elektriciteit en komt een groot deel van Nederland zonder energie te zitten.

Dat kan natuurlijk niet en daardoor moeten tegelijk extra investeringen in energiebuffers worden gedaan. Maar die technologie is vooralsnog niet aanwezig dan wel onbetaalbaar.

Voorzorgsprincipe geldt ook voor drastische energieplannen

Het bekende voorzorgsprincipe wordt in het klimaatbeleid veelvuldig toegepast met als rechtvaardiging de vreselijke doemscenario’s die ons door de klimaatbeweging worden voorgehouden.

Maar let wel, het voorzorgsprincipe geldt ook voor de beleidsmaatregelen zelf: als drastische energieplannen kunnen leiden tot een ontwrichting van onze energie-infrastructuur, en daarmee tot een chaos in de samenleving, dan zegt dit principe dat deze plannen geen doorgang mogen vinden.

We zullen afscheid moeten nemen van het gammele denkkader in de CO2-klimaatdoctrine.

Waarom heeft de milieubeweging zich voor het karretje laten spannen van de klimaatactivisten?

CO2-reductie is een doel op zich geworden: klimaat en milieu schieten er niets mee op. Integendeel, we moeten beseffen dat CO2 onderdeel is van een veel groter geheel dat bestaat uit een natuurlijke kringloop die het leven op aarde, met al zijn verscheidenheid, bepaalt.

Als die zelfregulerende mondiale kringloop wat nader wordt beken, dan is te zien dat CO2 een onmisbare grondstof is voor alle op het land en in het water levende flora.

Immers, in het fotosyntheseproces worden met zonne-energie en met watermoleculen (H2O) de koolzuurmoleculen (CO2) omgezet in glucose en zuurstof. CO2 en H2O zijn dus de grondstoffen die de bouwstenen (glucose) leveren voor de flora op aarde.

Vervolgens levert al die flora weer de elementaire levensbehoeften (zuurstof en voedsel) voor mens en dier.

CO2-gehalte in atmosfeer is historisch laag

Het geologisch archief laat zien dat het CO2-gehalte in de atmosfeer nu historisch laag is (0,04 procent).

Zo’n 150 miljoen jaren geleden was dat nog vijfmaal zoveel (0,2 procent).

De geschiedenis van de aarde vertelt ons ook dat meer CO2 zorgt voor een groenere aarde en voor het behoud van een zuurstofrijke atmosfeer.

En dat dit nog steeds zo is, wordt bevestigd door een omvangrijke studie in het wetenschappelijke tijdschrift Nature, waarin onderzoekers stellen dat de aarde in de afgelopen 35 jaar 7 procent groener is geworden.

CO2-emissie verdient dus zeker niet de kwalificatie ‘vervuiling’. Integendeel, het is onmisbaar voor alles wat leeft op onze planeet.

Bovendien, extra CO2 zal welkom zijn om meer voedsel te genereren voor de almaar toenemende wereldbevolking.

Vraag het de tuinders in het Westland.

Maar klimaatactivisme heeft in Nederland de regie overgenomen, we lopen voorop in de ‘War on CO2’. Als de bevolking te weten komt hoe gigantisch de verspilling gaat worden bij de uitvoering van het onzinnige Klimaatakkoord, dan zal onder de middenklasse een revolutie uitbreken.

Eerste schattingen van energievergelijker Pricewise geven aan dat alleen al de energierekening per gezin zo’n 150 euro hoger zal uitkomen.

Dat komt nog boven op de verhoging van 70 euro dit jaar.

En met de plannen van Ed Nijpels en Diederik Samsom zal het daarbij niet blijven.

Klimaatverandering is van alle tijden en mens heeft bitter weinig invloed

Het is de hoogste tijd om in te zien dat klimaatverandering van alle tijden is en dat de mens daarop maar bitter weinig invloed heeft, hoe graag we dat ook zouden willen.

De natuurkrachten zijn de baas en de mens moet zich gewoon aanpassen. Waarom zouden we als moderne Don Quichotes tegen die grote natuurkrachten vechten?

Charles Darwin zei het al: ‘Aanpassen aan natuurlijke veranderingen, is de enige manier om te kunnen overleven.’

Nog een stap verder – zoals Nederland dat door de eeuwen heeft geleerd in de strijd tegen het water – we kunnen er ook ons voordeel mee doen.

Dat levert een nieuwe klimaatvisie op: samenwerken met de natuur. Die visie geeft positieve energie en stimuleert innovatie.

Nu is alles bij mondiale opwarming negatief geladen, tot verschrikkelijke doemscenario’s aan toe.

Waarom richten we ons niet op de vele voordelen?

Waarom is kernenergie taboe?

En we moeten eindelijk beseffen dat zon en wind in de toekomst wel een waardevolle bijdrage zullen leveren – die sectoren hebben veel vooruitgang geboekt, waarvoor hulde – maar nooit de totale energiebehoefte zullen kunnen bevredigen.

Degenen die dat blijven zeggen, vertellen sprookjes en zadelen ons op met een instabiel en onbetaalbaar aanbod gestuurd energiesysteem.

Feit is dat het leeuwendeel van de benodigde energie moet komen van een nieuwe bron die vraag gestuurde energie kan produceren en ook hoge vermogens kan leveren.

De ontwikkeling daarvan heeft tijd nodig.

Er is een veelbelovende ontwikkeling in de kernenergie, waar veilige minireactoren ter grootte van een container worden ontwikkeld, in de toekomst mogelijk met thorium als brandstof.

Waarom is die ontwikkeling in Nederland taboe?

Intussen moeten we efficiënter omgaan met energie en gebruikmaken van schone fossiele energiebronnen, zoals gereinigd aardgas, in de nabije toekomst mogelijk aangevuld met alternatieven zoals waterstof gemaakt uit overtollige elektriciteit.

Andere landen zetten juist in op ‘powered by gas’

In andere landen is de energietransitie op de kortere termijn terecht gebaseerd op ‘powered by gas’.

Overheden en bedrijven investeren overal ter wereld in geavanceerde terminals voor zogeheten LNG (vloeibaar aardgas) om vervuilende steen- en bruinkoolcentrales in hoog tempo te vervangen door schone gasgestookte centrales die tevens restwarmte kunnen leveren.

We zien gelukkig ook dat in die wereldwijde transitie de Nederlandse gasrotonde een centrale rol gaat spelen.

Dat laatste gebeurt met volle steun van politiek Den Haag.

Maar intussen komt Nederland voor zijn eigen burgers met het dwaze ‘van gas los’-plan. Snapt u het nog?

Daarom een dringende oproep aan minister Wiebes met zijn klimaattafels.

Stop met de uitvoering van het Klimaatakkoord nu het nog kan.

Het rammelt aan alle kanten.

Verleden en heden laten zien dat CO2 van vitaal belang is in de kringloop van het leven.

Niet de reductie van CO2, maar de vervuiling van de natuurlijke omgeving, de uitputting van de natuurlijke hulpbronnen en de vernietiging van de biodiversiteit vragen ons aller aandacht.

Laten we het schaarse publieke geld niet verspillen aan de verkeerde maatregelen, maar besteden aan het versneld schoner en groener maken van onze planeet.

Wat we nodig hebben, zijn geen enge klimaattafels, maar brede milieutafels.

 

 

 

___________________________________________________________________________________________________

Door Syp Wynia, Elsevier Weekblad 3 nov 2018

Welkom in het klimaatgekkenhuis

Als het om het klimaat gaat, mag geld geen rol spelen

Kort voor de Tweede Kamerverkiezingen van maart 2017 waarschuwde klimaatlobbyist Ed Nijpels (VVD) dat het in de verkiezingsdebatten weliswaar niet over het klimaat ging, maar dat het ‘klimaatkonijn’ na de verkiezingen nog wel uit de hoge hoed zou komen.
Volgens de oud-minister van Milieu zou er aan het klimaat 50 miljard euro extra moeten worden uitgegeven.
Hoe en aan wat precies was niet duidelijk, maar dat is gangbaar als het over het klimaat gaat.
Na zeven maanden formeren werd Eric Wiebes (VVD) minister van Economische Zaken en Klimaat en die liet meteen weten dat het klimaatbeleid 1,5 à 3 procent van de economie per jaar gaat kosten.
Dat niet meteen alle alarmbellen gingen rinkelen, is verbazingwekkend.
Want als je dat volhoudt tot 2050 – dan moet het bijkans afgelopen zijn met de uitstoot van broeikasgas – heeft Nederland helemaal geen economie meer.

Peperduur gasverbod

Net zo makkelijk werd in januari van dit jaar in een handomdraai nog een extra klimaatbesluit genomen.
In de stofwolken van de laatste aardbeving in het Groningse Zeerijp besloot de Tweede Kamer tot enthousiasme van minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) om op korte termijn alle aardgasaansluitingen van nieuwbouwwoningen te verbieden en snel te beginnen met het afkoppelen van bestaande woningen.
Waarmee Nederland een megamiljardenklus op zich nam, waarmee noch Groningen, noch het klimaat, noch het milieu is geholpen.
Terwijl intussen ’s werelds beste gasinfrastructuur wordt afgebroken.

De schattingen van de kosten lopen in de honderden miljarden, op te brengen door de burgers, kiezers, consumenten, belastingbetalers.
Dat het gasverbod peperduur gaat uitpakken, heeft ook een nuttige kant.
Eindelijk kwam er een beetje een debat op gang over de klimaatkosten van de kabinetten-Rutte.
Nederland wil met elk volgend kabinet meer gidsland zijn als het om klimaat gaat: gidsland in Europa en Europa loodsvis van de wereld.

Geld mocht geen rol spelen.

Je kunt de burger een paar keer voor de gek houden …
Zo sluipenderwijs is dat geld nu wel een rol gaan spelen. En dat geld heet nu ‘draagvlak’. Uit allerlei onderzoek blijkt dat Nederlanders veel minder geïnteresseerd zijn in het klimaat dan lobbyisten als Nijpels zouden willen. Ze willen er doorgaans wel geld aan uitgeven, maar alleen als het meer oplevert.
En je kunt burgers, kiezers, consumenten en belastingbetalers wel een paar keer voor de gek houden, maar op een gegeven moment hebben ze er genoeg van.
Ed Nijpels heeft daar overigens maling aan.
Die zegt steevast dat ‘draagvlak de vluchtheuvel is voor bange politici’.
Hij is niet de enige klimaatlobbyïst die niet zo dol is op democratie.
En zo kwam er op de laatste dag van oktober 2018 een Kamerdebat over het klimaatbeleid van het derde kabinet-Rutte, waarbij het eindelijk wel over geld ging.

Debat werd treurigstemmende spraakverwarring

Alhoewel. Het was eerder een treurigstemmende spraakverwarring, met een actieve rol voor minister Wiebes.
En een droevige uitglijer van Jesse Klaver van GroenLinks, die dacht zijn collega van Forum voor Democratie, Thierry Baudet, de maat te kunnen nemen over rekenkunde en meteen zelf een blooper van 126 miljard maakte.
Want om zulke bedragen gaat het bij het klimaatbeleid.
Al heeft Nijpels het nu over slechts een paar miljard per jaar.
En is Wiebes gezakt naar een half procent van de economie per jaar – op termijn altijd nog goed voor twee economische crises.
Intussen is Nederland het klimaatkonijn van de wereld, en proefkonijn bovendien.
Een groot deel van het beleid leunt op het ‘afvangen’ van het broeikasgas CO2 van fabrieken, waarna dat gas onder de Noordzeebodem wordt gestopt.
Het is de struisvogeloptie van het klimaatbeleid: er is al veel subsidie in gestopt en het werkt nergens.

Welkom in het klimaatgekkenhuis

Ook een bewezen misser is het subsidiëren van elektrische auto’s.
Wiebes zei twee jaar geleden dat de 6 miljard die er toen in waren gestoken, weggegooid geld waren gebleken, maar gaat er rustig mee door.
Je kunt een Tesla van 120.000 euro kopen, waaraan de Nederlandse staat 70.000 euro meebetaalt.
Kolencentrales en particulieren kunnen voor een kapitaal aan subsidie krijgen voor het stoken of ‘bijstoken’ van hout, terwijl houtstook bewezen het allersmerigste is voor gezondheid, milieu en klimaat.

Welkom in het klimaatgekkenhuis.

Afbeelding kan het volgende bevatten: lucht, nacht, brug, wolk en buiten

HET WONDERMOLECUUL CO2

De komende jaren moet Nederland volledig op de schop en gaan we honderden miljarden euro’s uitgeven aan windturbines, zonnepanelen en het “klimaatneutraal” maken van onze woningen.
En dit allemaal om de productie van het “zeer schadelijke” CO2 uit te bannen. Is dit wel terecht en in overeenstemming met de feiten?
Zijn we misschien ten prooi gevallen aan een collectieve waan?
Lees het onderstaande verhaal en vergelijk uw kennis over CO2 met de wetenschappelijke realiteit:

Het wondermolecuul CO2, het “gas van het leven”

Auteur: Paul Driessen

Het is verbazingwekkend dat minuscule bacteriën en virussen levensbedreigende ziekten en infecties kunnen veroorzaken – en wonderbaarlijk dat kleine doses vaccins en antibiotica ons kunnen beschermen tegen deze dodelijke plagen.
Het is even ongelooflijk dat koolstofdioxide ( CO2 ) een wondermolecuul is voor planten en het “gas van het leven” is voor de meeste levende wezens op aarde.

In volume-eenheden:
De CO2-concentratie van onze atmosfeer is 400 delen per miljoen (400 PPM= Parts Per Million ). Vertaald is dat slechts 0,04% van de atmosfeer van de aarde – het equivalent van 40 cent uit duizend euro, of 4 cm op de lengte van een voetbalveld.
Zelfs het atmosferische gas argon is 23 keer overvloediger aanwezig: 9.300 PPM.
Bovendien is de 400 PPM van nu 120 PPM meer dan de 280 PPM koolstofdioxide hoeveelheid van het jaar 1800, en die verhoging in deze twee eeuwen is gelijk aan slechts 12 cent van 1.000 euro of 1,2 cm op de lengte van een voetbalveld.

Elimineer koolstofdioxide, en alle planten zouden sterven, evenals het fytoplankton van meren en oceanen, grassen, kelp en andere waterplanten.
Daarna zou al het dierlijke en menselijke leven verdwijnen. Zelfs het te veel verlagen van de CO2-niveaus – bijvoorbeeld naar pre-industriële niveaus – zou verschrikkelijke gevolgen hebben.

De afgelopen twee eeuwen begon onze planeet eindelijk uit de kleine ijstijd te komen die de aarde had afgekoeld en Viking-kolonisten uit Groenland had verdreven.
Opwarmende oceanen lieten langzaam een deel van de kooldioxide die in hun wateren was opgeslagen vrijkomen.
Fabrieken tijdens de industriële revolutie en groeiende menselijke populaties verbrandden meer hout en fossiele brandstoffen, bakten meer brood en brouwden meer bier, waardoor er nog meer CO2 aan de atmosfeer werd toegevoegd.
Nog veel meer van het wondermolecuul kwam uit vulkanen en onderzeese bronnen, bosbranden, het gebruik van biobrandstoffen, van rottende planten en dieren, en door “de uitstoot” van levende, ademende dieren en mensen.
Wat een verschil heeft deze extra 120 PPM gemaakt voor planten, en voor dieren en mensen die daarvan afhankelijk zijn.
Hoe meer koolstofdioxide er in de atmosfeer zit, des te meer wordt deze opgenomen door planten en hoe sneller en beter ze groeien.
Dit zelfs onder ongunstige omstandigheden zoals bij een beperkte aanwezigheid van water, extreem hoge temperaturen of insectenplagen en andere ongemakken.
Omdat bomen, grassen, algen en landbouwgewassen door meer CO2 sneller groeien en gezonder en robuuster worden, profiteren mens en dier van betere voeding op een planeet die groener en groener wordt.
Koolstofdioxide is een krachtig wapen in de wereldwijde oorlog tegen armoede, ondervoeding, honger en het uitsterven van planten en dieren.

De inspanning die nodig is om zeven miljard mensen te voeden en de kwaliteit van deze voeding te verbeteren voor meer dan een miljard mensen die ondervoed zijn, veroorzaakt een conflict tussen onze behoefte aan land om dit benodigde voedsel te produceren en de noodzaak om zo veel mogelijk land in zijn natuurlijke staat te houden en daarmee planten en dieren in het wild te beschermen.
Hoe goed we in staat zullen zijn om de productie van gewassen uit hetzelfde of minder areaal te verhogen, kan het verschil betekenen tussen voldoende voedselvoorziening in de wereld en ongebreidelde menselijke honger in de komende decennia – en tussen het overleven en uitsterven van veel planten- en diersoorten.

Moderne landbouwmethoden hebben de oogstopbrengsten per hectare tussen 1930 en vandaag gestaag en dramatisch verbeterd.
Verhoogde CO2-niveaus in kassen verbeteren de groei van planten aanzienlijk, vooral als de temperaturen ook verhoogd zijn.
De stijgende atmosferische koolstofdioxideniveaus hebben eveneens verbazingwekkende positieve effecten gehad op de groei en overleving van buitenplanten.
Linzen en andere peulvruchten gekweekt in broeikassen met 700 PPM CO2 verbeterden hun totale biomassa met 91%, hun eetbare delen met 150% en hun voedingswaarde met 67%, dit vergeleken met identieke gewassen geteeld bij 370 PPM koolstofdioxide.

Chinese wetenschappers hebben ontdekt dat bij rijst die gekweekt wordt met 600 PPM CO2 de graanopbrengst verhoogd wordt met 28%.
Amerikaanse onderzoekers hebben aangetoond dat suikerriet, gekweekt in zonovergoten kassen met 720 PPM CO2 en bij een 6 graden hogere temperatuur dan de buitenlucht, sap produceert dat een verbazingwekkende 124% hoger in volume is dan bij suikerriet dat groeit bij kamertemperatuur en 360 PPM koolstofdioxide.
Niet-voedingsgewassen zoals katoen presteren ook veel beter als het koolstofdioxidegehalte hoger is.

Onderzoek naar natuurlijke bos- en gewasgroei tijdens de recente periodes van stijgende koolstofdioxidegehalten in de atmosfeer, tussen 1900 en 2010, heeft ook onder ‘echte’ omstandigheden significante verbeteringen aangetoond.

Een analyse van grove dennen in Catalonië, Spanje, toonde aan dat de boomdiameter en het dwarsdoorsnede-oppervlak tussen 1900 en 2000 met 84% waren toegenomen als reactie op de stijgende CO2-niveaus.
De snelheid waarmee jonge bomen in Wisconsin groeiden steeg met 60%, en de boomringbreedte nam met bijna 53% toe, toen de atmosferische koolstofdioxideconcentraties stegen van 316 PPM in 1958 tot 376 PPM in 2003 ontdekten onderzoekers.

Wetenschappers van de universiteit van Minnesota vergeleken de groei van bomen en andere planten in de eerste helft van de twintigste eeuw (waaronder de verschrikkelijke Dust Bowl jaren), toen de CO2-niveaus slechts 10 PPM stegen – met de periode 1950-2000, toen het CO2 gehalte steeg met 57 PPM.
Ze ontdekten dat kooldioxide de gevoeligheid van planten voor ernstige droogte verlaagde en hun overlevingskansen met bijna 50% verbeterde.

Zwitserse onderzoekers concludeerden dat, als gevolg van de stijgende koolstofdioxideniveaus, het plantenleven in de Alpen zich uitbreidt, de biodiversiteit toeneemt en de natuur productiever en gezonder lijkt dan ooit.

Andere onderzoekers gebruikten historische gegevens voor landgebruik, atmosferische CO2-concentraties, stikstofdepositie, bemesting, ozonniveaus, regenval en klimaat om daarmee een computermodel te ontwikkelen dat plantengroeiresponsen simuleert voor zuidelijke Habitats in de VS van 1895 tot 2007.
Ze stelden vast dat de “netto primaire productiviteit” in deze periode van 112 jaar met gemiddeld 27% verbeterde, waarbij het grootste deel van de toegenomen groei plaatsvond na 1950, toen het CO2-niveau het meest steeg, van 310 PPM in 1950 tot 395 PPM in 2007.

Hoe gebeurt dit allemaal?

Planten gebruiken energie uit de zon om koolstofdioxide uit de lucht en water en mineralen uit de bodem om te zetten in de koolhydraten en andere moleculen die plantenbiomassa vormen.
Meer CO2 betekent meer en grotere bloemen, een hogere zaadmassa en kiemingssucces en verbeterde resistentie van een plant tegen droogte, ziekten, virussen en pathogene infecties, luchtverontreiniging en zout- of stikstofaccumulatie in de bodem.
Hogere CO2-niveaus verbeteren ook de efficiëntie van het watergebruik door planten – het zorgt voor een snellere en grotere koolstofopname door plantenweefsel, waarbij minder water verloren gaat door transpiratie.
Meer CO2 in de lucht zorgt er namelijk voor dat planten de huidmondjes verkleinen.
Dit zijn kleine gaatjes in bladeren die planten gebruiken om koolstofdioxide in te ademen.
Wanneer CO2 schaars is, nemen de openingen in omvang toe, om toch voldoende hoeveelheden van dit “levensgas” te kunnen vangen.
Echter, door de toenemende huidmondomvang verdampen er meer watermoleculen en dit waterverlies zorgt voor toenemende stress voor de planten en bedreigt uiteindelijk hun groei en overlevingskansen.
Wanneer het kooldioxidegehalte in de lucht stijgt – tot 400, 600 of 800 PPM – verkleinen de huidmondjes in de bladeren waardoor ze minder water verliezen door transpiratie, terwijl ze nog steeds voldoende CO2-moleculen opnemen.
Dat stelt de plant in staat om langdurige droge perioden veel beter te overleven.

(De rapporten uit 2009 en 2011 van het Nongovernmental International Panel on Climate Change, Climate Change Reconsidered, en de website www.CO2science.org van Dr. Craig Idso bevatten honderden vergelijkbare studies van gewassen, bossen, graslanden, berggebieden en woestijnen die zijn verrijkt door meer koolstofdioxide.

Een van de ergste dingen die onze planeet en zijn mensen, dieren en planten zouden kunnen overkomen, zou zijn dat de koolstofdioxideniveaus terugvallen naar niveaus die voor de industriële revolutie het laatst voorkwamen.
Verlaging van CO2-niveaus zou vooral problematisch zijn als de aarde afkoelt, als reactie op de zon die een andere “stille fase” binnengaat zoals gebeurde tijdens de kleine ijstijd.
Als de aarde opnieuw afkoelt, zouden de groeiseizoenen verkorten en zou het beschikbare landbouwareaal in de noordelijke gematigde zones afnemen.
We zouden dan elk mogelijk molecuul koolstofdioxide nodig hebben – alleen maar om de landbouwproductie hoog genoeg te houden om massale menselijke hongersnood te voorkomen en om te voorkomen dat natuurgebieden worden omgeploegd om de verloren landbouwgronden te vervangen.

Maar zelfs onder de huidige omstandigheden zullen gewassen, andere planten, dieren en mensen profiteren van meer koolstofdioxide.
Het ‘gas van het leven’ is een wonderlijke plantenbemesting die planten helpt groeien en bloeien – de planeet groener maakt, de leefgebieden van dieren in het wild verrijkt, de groeiende mensheid voedt die grotere hoeveelheden voedzamer eten verbruikt en soortenverlies van planten en dieren voorkomt.

Dat is een geweldig prestatie voor een kleurloos, geurloos en smaakloos gas waarvan onze atmosfeer slechts 0,04 procent bevat!

We zouden koolstofdioxide moeten prijzen – niet belasteren, verbieden of begraven.

Het volledige boekje:

https://www.cfact.org/pdf/CO2-TheGasOfLife.pdf

CO2SCIENCE.ORG